Delen via

Logeren & slapen

Logeren & slapen
Als je kleinkinderen komen logeren, is het wel zo prettig dat je op de hoogte bent van hun slaappatronen en rituelen. Tien vragen en antwoorden over slapen tijdens het logeren.
Want hoewel het per kind verschilt, gaan de meesten door dezelfde fases. En wat als heimwee om de hoek komt kijken?

1. Mijn kleinzoontje van vijftien maanden komt een paar dagen logeren. Wat kan ik verwachten?

Rond vijftien maanden hebben kinderen vaak last van scheidingsangst. Het is goed als hij eerst een nachtje op proef komt logeren met één van de ouders erbij en dan liefst ook nog een keer zonder ouders. Je kunt dan zien of het lukt, voordat zijn ouders hun reis gaan maken. Het kan helpen als hij in zijn bedje zijn eigen vertrouwde dekens en lakentjes krijgt, dus liefst beslapen lakens en natuurlijk zijn favoriete knuffel.

2. Mijn kleindochter van zes plast soms thuis in bed. Wat kan ik doen als ze bij mij komt logeren?

Je kunt uit voorzorg een zeiltje onder het onderlaken en een handdoek op het onderlaken leggen. Maar meestal plast een kind in een vreemde omgeving niet in bed. Dat komt doordat een kind dan vaak lichter slaapt en wel zal voelen dat hij moet plassen. Als een kind heel diep slaapt, wordt hij niet wakker van het gevoel dat zijn blaas vol is. Daarom plast een kind op schoolreisjes juist niet in zijn bed, waar hij zelf wel bang voor is. Het kan wel veel nattigheid schelen als je je kleinkind even op de wc zet om te plassen voor je zelf gaat slapen.

3. Mijn kleinkind van acht mag van zijn ouders om tien of elf uur naar bed als hij dat wil. Komt hij zo slaap te kort?

Waarschijnlijk wel, maar het hangt af van het moment waarop hij moet opstaan. Toch verschilt de slaapbehoefte per kind, net als bij volwassenen. Gemiddeld slaapt
  • een baby: 14-18 uur
  • een peuter: 12-14 uur
  • een kleuter: 12-13 uur
  • een schoolkind: 10-12 uur
  • een puber vanaf 12 jaar: 10 uur
Door een kind goed te observeren kom je erachter of hij te weinig slaap krijgt. Een vermoeid kind wordt prikkelbaar of is overdag vaak erg moe en moet dus wel eerder naar bed.

4. Mijn kleinkind heeft wel eens last van nachtangst.

Nachtangst (pavor nocturnus) komt voor één of twee uur nadat een kind is gaan slapen, in een diepe slaapperiode. Hij wordt in paniek wakker en is niet te troosten of wakker te krijgen. Deze angstaanval gaat meestal na tien minuten voorbij. Het is erger voor de (groot)ouders dan voor het kind, want hij kan zich er niets van herinneren. Het komt meestal voor bij kinderen tussen vijf en zeven jaar en soms bij kleuters. Het beste is om bij het kind te blijven tot het over is.

5. Hoe maak ik de logeerpartij voor mijn kleinkind zo vertrouwd mogelijk?

Als een jong kind komt logeren, is het goed om een beetje zijn vertrouwde dagindeling te volgen. Dat geeft houvast. Neem dezelfde bedtijd en gebruik de rituelen van thuis, bijvoorbeeld eten, in bad, verhaaltje voorlezen en naar bed.
Ook overdag is het voor een jong kind best fijn als de dagindeling niet zo heel sterk afwijkt van thuis. Voor kinderen vanaf een jaar of zeven maakt dit meer zoveel verschil. Zij kunnen juist genieten van al het andere bij opa en oma. Zij worden daar niet snel onrustig van.

6. Mijn kleindochter van vier vindt het heerlijk om bij mij in bed te slapen als opa er niet is. Verwen ik haar daarmee?

Als je merkt dat ze begrijpt wanneer het wel en niet mag is het geen probleem.
Gaat ze moeiteloos in haar eigen bed als opa er is, dan kan ze het aan. Het is natuurlijk heel gezellig om bij uitzondering een nachtje bij oma te mogen slapen, daarmee verwen je een kind echt niet. Voor erg jonge kinderen kan het verwarrend zijn, waardoor ze niet meer goed in hun eigen bed kunnen slapen. Als ze thuis ook gewoon in hun eigen bed gaan slapen, is het geen probleem.

7. Wat kun je doen als een jong kind niet wil slapen?

Het beste is om de wekkermethode toe te passen. Ga om de vijf minuten even bij uw kleinkind kijken net zolang tot hij slaapt. Kinderen krijgen daardoor het vertrouwen dat u er wel voor ze bent, ook al zien ze u niet. Daardoor slapen ze beter, omdat ze zich veiliger voelen. Als een kleinkind ’s nachts vaak wakker wordt, is het goed om een bed naast het kinderbed te zetten, waar je op kunt gaan liggen als het kind de eerste keer ’s nachts wakker wordt. Blijf dan wel liggen, want steeds als je kleinkind wakker wordt, ziet hij dat hij niet alleen is. Ga niet in op aandacht trekken, laat alleen merken dat je er bent.

8. Mijn kleinkind bonkt met zijn hoofd...

Kinderen bewegen soms ritmisch heen en weer met hun hoofd om in slaap te vallen, soms raken ze daarbij hard de bedrand. Het beste is om te zien hoe je blauwe plekken kunt voorkomen, bijvoorbeeld door de bedrand te bekleden of door het kind in een kampeerbedje te laten slapen zonder harde zijkanten. Soms bonken kinderen een tijdje als ze voor een nieuwe mijlpaal staan, zoals leren lopen of praten. Na drie jaar gaat het meestal vanzelf weer over.

9. Mijn kleinkind wil alleen met zijn eigen knuffel van thuis slapen. Waarom worden die van mij worden afgekeurd?

Een knuffel staat voor veiligheid en troost. Een kind kiest zijn eigen knuffel of lapje daarvoor uit, die is in principe onvervangbaar. De veiligheid van de knuffel is ontstaan als zijn knuffel vaak in de buurt was van papa of mama. Is papa of mama er niet, dan neemt die knuffel tijdelijk hun rol een beetje over.

10. Wat kan ik doen tegen heimwee?

Heimwee kan zo sterk zijn dat een kind daardoor niet meer kan eten of slapen. Het voelt alsof alle veiligheid opeens is verdwenen en hij kan niet blijven logeren.
Maar vaker hebben kinderen een beetje last van heimwee als ze uit logeren gaan.
Dat overvalt hen dan bijvoorbeeld tegen bedtijd. Ze missen papa en mama en hun vertrouwde huis. Je kunt dit voorkomen door aan papa of mama te vragen of ze even opbellen rond die tijd. Je kunt ook zorgen dat er een bandje is waarop papa of mama een vertrouwd verhaaltje voorlezen. Een foto van de ouders of een kledingstuk (t-shirt of sjaal) van mama kan troost bieden.